Er zijn maar weinig mensen die iets in beweging kunnen zetten wat daarna niet meer stilvalt. Danielle de Nie is zo iemand. Tien jaar geleden zette zij haar hielen in het veen, trommelde een groep bevlogen boeren en financiers op en startte Wij.land. Met een gevoel van urgentie, maar ook vertrouwen dat het anders kan in het landschap dan hoe het nu gaat. En dat boeren daarin een hoofdrol spelen.
Nu neemt Danielle afscheid van Wij.land. Niet omdat het werk in het veenweidelandschap af is, maar wel omdat haar rol daarin verandert. ‘Ik heb denk ik echt op alle stoelen gezeten binnen Wij.land. Ik heb de hele ontwikkeling doorleefd en inmiddels is het Wij.land-verhaal allang veel groter dan ik. Ik ben er elke keer trots op als iemand dat verhaal weer verder vertelt.’ In haar slotakkoord voor Wij.land haalt ze het net op: wat zie ze na een decennium werk aan het veenweidelandschap?
Waar Wij.land ontstond
‘De start van Wij.land begon niet met een dichtgetimmerd plan. Het begon vooral met goed kijken en luisteren. Waar in Nederland was de opgave groot? Waar was de energie aanwezig en de kans op beweging het meest duidelijk voelbaar?’
Voor Danielle kwam veel samen in het veenweidegebied. ‘Vanuit Commonland heb ik een bredere scouting gedaan,’ vertelt ze. ‘Waar zou je hun methode ‘4 Returns 3 Zones’ in Nederland nou goed kunnen toepassen?’
‘Er waren al initiatieven: Natuurmonumenten, Boeren van Amstel, het Innovatie Programma Veen, etc. Ik zag dat al die losse initiatieven verbonden konden worden in een landschapsaanpak.’
‘Hierin zag ik dus niet alleen de urgentie in het veenweidegebied, maar ook de potentie. Een karakteristiek landschap, dicht bij de stad, met boeren, burgers en organisaties die allemaal op hun eigen manier aan hetzelfde grotere verhaal raakten. Er lag ook een duidelijke vraag, Natuurmonumenten vroeg de pachters mee te gaan bewegen naar een landbouw met minder stikstof, meer kringlopen sluiten en meer biodiversiteit. Maar toen de pachters aan Natuurmonumenten vroegen “zeg maar wat ik anders moet doen”, was daar eigenlijk nog geen antwoord op.’
‘Regeneratief of natuurinclusief boeren was destijds nog erg nieuw, maar er zat wel veel energie. Daar is Wij.land ontstaan.’
Wil je meer weten over de methode van Commonland? In deze documentaire die Wij.land samen met Commonland heeft gemaakt, vertellen we je alles over de 4-returns-aanpak in het veenweidegebied.
Zonder de boer geen verandering
In tien jaar tijd is er in ieder geval één overtuiging bij Danielle alleen maar sterker geworden: ‘Boeren zijn de sleutel tot een toekomstbestendig landschap. Niet omdat je alles bij hen moet neerleggen, maar omdat echte verandering zonder hen niet werkt. Je kunt het wel bedenken, maar zij moeten het doen.’
‘Tegelijkertijd zie ik van dichtbij hoe ingewikkeld verandering kan zijn voor een boer. Want een transitie gaat nooit alleen over technische maatregelen. Het gaat ook over inkomen, identiteit, familie, sociale druk en de vraag of je het gevoel hebt dat je er alleen voor staat,’ stelt Danielle. ‘Daarom is het zo belangrijk dat boeren niet als losse pioniers hoeven te bewegen, maar als onderdeel van een netwerk. Onderling leren van elkaar en onderlinge verbondenheid werkt.’
Maar zelfs met een stevig boerennetwerk bots je soms nog tegen het systeem wat we om de boeren heen hebben gebouwd. ‘Daarin spelen wet- en regelgeving een rol, maar ook de inrichting van het voedselsysteem en hoe de markt bepaalde prestaties wel of niet beloont. Gelukkig zie ik dat het denken langzaam verschuift. Er wordt steeds meer gerealiseerd dat je niet regel op regel op boerenbedrijven kunt stapelen. Er wordt nu meer gesproken over doelsturing. En over private beloningen uit de markt voor landschapsdiensten die boeren kunnen leveren. Dat is wat verandering kan versnellen.’

Van praten naar doen
Maar dat verschuivende denken krijgt pas waarde als je het ook omzet in actie. Lang blijven praten in de hoop dat je het daarna in één keer goed doet, zo werkt het niet. Vanaf het begin koos Danielle daarom voor een praktische insteek. ‘Ik wilde niet wachten tot alles uitgedacht was, maar beginnen en proberen. Samen leren. In kleine stappen, dicht op de praktijk.’
‘We zijn gaan zoeken naar waar de energie zit bij boeren zelf. Als er energie is en je kunt dat concretiseren in actie, dan volgt de rest wel. We kwamen niet met een oplossing, het vertrek- punt was: wij weten het ook niet precies, maar zullen we samen op weg gaan?’
Daarom neemt Wij.land praktische stappen, en toetst het aannames aan de werkelijkheid. We zien wat werkt, wat niet. Zo kunnen we blokkades identificeren voordat het bottlenecks worden waar het systeem op vastloopt. Danielle: ‘Ik had zelf behoefte om het concreet te maken: tastbare resultaten zien. Kunnen zien hoe kruiden zich ontwikkelen, hoe de bodem verbetert, hoe koeien meer te weiden. Zodat je in de praktijk kan zien of een idee standhoudt.’
Dit lukt alleen samen met boeren. Je moet samen aan de slag en tegelijkertijd het gesprek blijven voeren. ‘Het hoopvolle is dat er mensen zijn die luisteren. En mensen zijn die mee willen doen. Ik zie dat er overal in Nederland geëxperimenteerd wordt. Dat is supergoed om te zien.’
Onafhankelijke bruggenbouwers
De overheid en de boer zijn onlosmakelijk van elkaar verbonden door het landschap. Toch spreken ze vaak niet dezelfde taal. En zolang dat zo is, blijft er behoefte aan onafhankelijke bruggenbouwers.
Wie tien jaar in de landbouw meeloopt, ziet veel veranderen in het werkveld. Danielle: ‘De stikstofcrisis was een belangrijk moment. Niet alleen vanwege het dossier zelf, maar ook vanwege wat het blootlegde: Ik heb toen een boer gebeld en gevraagd: wat doet dit met jou? Hij zei: we moeten altijd in dialoog blijven. Dat vond ik heel mooi, het raakte me.’
‘Maar ik heb ook meegemaakt dat het polariserend werkte, ook in het Wij.land-netwerk. Ik heb het wantrouwen tussen boeren en overheid zien groeien,’ vertelt Danielle. ‘Er was al niet veel vertrouwen en dat is er zeker niet meer op geworden.’
‘Juist daarom geloof ik zo sterk in onafhankelijke partijen zoals Wij.land die dichtbij boeren staan en tegelijk de taal van het systeem begrijpen. Partijen die niet iets hoeven te verkopen, maar wel kunnen helpen om beweging mogelijk te maken.’
Zo’n brug begint bij een gedeeld belang. ‘Bij Wij.land lag de focus in het begin sterk op bodem. Bodem bleek een heel verbindend thema. Niemand is tegen een gezonde bodem. Vanuit de bodem kom je al snel bij alles wat met het boerenbedrijf en het landschap te maken heeft: water, biodiversiteit, mest, economie, weerbaarheid. Bodem werd daarmee niet alleen een onderwerp, maar ook een manier van kijken naar het systeem,’ denkt Danielle terug.
Natuurinclusief boeren is geen status maar een route
In het debat over landbouw ziet Danielle ook een hardnekkig cliché terug: ‘Natuurinclusief of regeneratief wordt soms benaderd alsof het een afgebakend label is. Alsof je er wel of niet in past,’ zegt ze. ‘Ik zie het veel meer als een ontwikkelingsrichting.’
‘Niet vanuit een strak systeem van goed of fout, maar vanuit maatwerk en een holistische benadering. Wat past bij deze boer, op deze plek, in dit landschap? Welke stap is nu mogelijk en logisch? Wat helpt om verder te komen?’

Zorgen over de snelheid
De beweging is ingezet, maar volgens Danielle nog lang niet snel genoeg. ‘We zijn supertrots op wat we hebben bereikt, maar ik maak me zorgen over de snelheid.’
‘Dat heeft onder meer te maken met politieke wisselingen en het uitblijven van duidelijke, langdurige keuzes. In tien jaar tijd heb ik vijf bewindspersonen meegemaakt. Elke keer als een kabinet valt, sta je weer stil. Dat vind ik super frustrerend.’
Volgens Danielle hebben we het bovendien nog te weinig over hoe urgent de situatie werkelijk is: ‘Niet alleen rond stikstof, maar ook als het gaat om waterkwaliteit, natuurdoelen en alles wat er vanuit Europa op ons afkomt. De maatschappij vraagt een transitie van de landbouw,’ zegt ze. ‘Daar hebben we het misschien nog te weinig over.’
Die urgentie vraagt volgens Danielle om meer dan losse maatregelen. ‘Het vraagt om systeemverandering. Om een landbouw die past bij het landschap. Om een verdienmodel dat klopt. En om boeren die daarin eigenaarschap kunnen nemen.’
Doorgaan met beginnen
Danielle kijkt trots naar wat er de afgelopen jaren is opgebouwd bij Wij.land. Wat ooit begon als een eigenwijze start, groeide uit tot een organisatie met een herkenbare plek in het landschap.
Danielle neemt afscheid van Wij.land, maar niet van de missie. Want die vraagt nog altijd om mensen die willen bouwen, verbinden, luisteren en doen. Mensen die naast de boer gaan staan.
Die gedachte loopt ondertussen als een rode draad door het werk van Wij.land. Drempels verlagen. Samen optrekken. Ruimte maken om te leren. Niet perfect hoeven beginnen, maar wel beginnen.




